Lezers met een mening: IVN-natuurgidsen Hans Stapel en Henk Groenewegen

Het kappen van bomen valt soms wel uit te leggen...

Als IVN-natuurgidsen komen we regelmatig in het PWN-duingebied en genieten van dit prachtige landschap. Maar we zien ook de teruggang van de natuur door de toename van de bodembedekking door grassen en mossen als gevolg van de stikstofneerslag en verzuring. Het is duidelijk dat veel plantensoorten die belangrijk zijn voor het ecosysteem in de duinen het moeilijk hebben. Als het om de voorgenomen kap van een (klein) deel van het dennenbos ten noorden van Bergen aan Zee gaat, dan zijn hier dan ook hele goede redenen voor.

Natuurlijk, het kappen van bomen is iets wat je bij voorkeur niet doet, maar het gaat hier niet om het kappen-om-te-kappen of om commerciële doeleinden. Het gaat hier om een lastige afweging van het nadeel om een stuk bos op te offeren ten behoeve van het behoud van het unieke karakter van onze duinen, en flora en fauna daarvan.
Van nature groeien dennenbomen niet in onze duinen. Ze zijn met heel veel moeite aangeplant en het heeft meer dan 50 jaar geduurd voordat de eerste pogingen op grotere schaal enig succes hadden. Het klimaat aan de Nederlandse kust is onvriendelijk voor veel bomen. Doel van de aanplant van veel naaldbomen in de duinen was het zand vast te houden want begin vorige eeuw waren de duinen erg kaal. Voorts had het een commercieel doel: houtproductie, onder andere voor de mijnbouw. Inmiddels zijn de naaldbomen in de 16 ha die gekapt gaat worden meer dan 60 jaar oud en over niet al te lange tijd aan het eind van hun bestaan. De honingzwam wordt al waargenomen, een schimmel die verzwakte bomen aantast.
Natuurlijk leveren naaldbossen ook bijzondere planten en dieren op. Maar de biodiversiteit is beduidend minder dan in die van loof- of gemengde bossen. Bovendien hebben ze een negatieve invloed op het grondwaterniveau omdat de naalden ook in de winter vocht verdampen. Veel van de naaldbomen in de duinen zijn ondanks hun leeftijd vrij dun, ook omdat ze dicht op elkaar staan.

De belangrijkste reden voor de kap van een deel van het bos is dat ‘ons’ soort duin in heel Europa zeer zeldzaam is en dat het unieke karakter verloren dreigt te gaan door invloeden van buitenaf. De neerslag van stikstof werkt als mest voor bepaalde planten en bomen, die daardoor dominant worden en de kans krijgen de kwetsbare vegetatie te overwoekeren. De bodem verzuurt en de biodiversiteit neemt af. Als de bodem te veel verzuurt dan komt oplosbaar aluminium vrij en dat is giftig. Dat kritische punt wordt nu reeds dicht benaderd. Een heel ecosysteem dreigt te verdwijnen, iets dat niet meer is te herstellen.

De biodiversiteit of soortenrijkdom is belangrijk voor een gezonde en robuuste natuur. Om de diversiteit in het duin in stand te houden, is het nodig dat er open plekken zijn. Daar wordt de bodem warm, ontkiemen zaden van gebiedseigen planten sneller die weer belangrijk zijn voor de verdere keten in het ecosysteem. Planten en bloemen die belangrijk zijn voor allerlei insecten, torretjes, vlinders, etc. Daar komen weer vogels, reptielen en amfibieën op af. En ook zij trekken weer ander leven aan. Elk insect heeft bepaalde ‘eigen’ planten nodig. Al die schakels zijn belangrijk in het geheel.
Open plekken in het duin zorgen voor dynamiek en een versterking van de biodiversiteit. Door voorgenomen kap van een deel van het dennenbos ten noorden van Bergen aan Zee krijgt de wind de kans om kalkrijk zand landinwaarts te verplaatsen. Kalkrijk zand gaat de verzuring tegen en bevordert de groei van gebiedseigen planten. Dat betekent behoud/herstel van een belangrijk ecosysteem ten oosten van het te kappen gebied: het Lange Vlak. Door de kap verdwijnen bomen die CO2 kunnen vastleggen, maar het grootste deel van CO2 in de atmosfeer wordt vastgelegd in een gezonde bodem.

Op basis van de Natura 2000 status heeft PWN de opdracht om ‘ons’ soort open duin te beheren, te behouden en zelfs uit te breiden, omdat open duinen in Europa heel zeldzaam en belangrijk zijn. Er blijven nog grote arealen naaldbos in de duinen bestaan en de kap van de dennen wordt bovendien elders gecompenseerd door het herplanten van jongere bomen.
Samenvattend, er worden geen bomen gekapt omdat dat leuk is of voor commerciële doeleinden, maar om een belangrijk, uniek en kwetsbaar duingebied te behouden en beschermen.
Ook na de kap kunnen we blijven genieten van mooie dennenbossen in het duingebied van Noord-Kennemerland, met open plekken en verrassend mooie doorkijkjes en vergezichten.