Bergenaren in het buitenland: het vervolg…

Emile en Wanda op Zanzibar. Contact met jonge Masaai op het strand

Bergenaren in het buitenland: het vervolg…

Mama Seastar…. Als het tij keert, verandert het paradijselijke strand met azuurblauwe zee in een witte zandvlakte. Een vlakte vol leven. Het is een bewolkte warme ochtend als we na een korte zoektocht naar waterschoenen, besluiten een ‘wad’ wandeling op onze blote voeten te trotseren. Er dreigt regen en als die valt dan valt ie goed. We gaan op pad, Emile met de kleine filmcamera en ik met het fototoestel, beide apparaten houden niet van veel water dus vragen we om een plastic zak. Helaas, die zijn hier op het eiland letterlijk verboden. En dat werkt want dat zie je werkelijk terug! Geen plastic (zakken) echter wel flesjes. Dan toch maar de fototas mee en hopen op niet al te veel water.

Er lopen twee jonge Masaai krijgers over het strand, ze komen op ons af en bieden hun service. Deze twee vrolijke jongens zijn echt aardig, vragen geen geld en wij gaan met Rafael en Ndari de witte zandvlakte op met in de verte de nog terugtrekkende azuurblauwe zee. Tijdens de wandeling verwonderen wij ons, praten, vragen en lachen we er samen op los.

“Do you eat fish?” No no, we don’t eat from the sea.” Voor vele van ons onbegrijpelijk met de zee zo uitgestrekt voor je neus. Maar de Masaai, die hier samenleeft in een soort van klein dorpje aan het strand, voedt zich met Ugali (pap van mais), kool of andere groenten en soms een stuk vlees van de markt. Het is in de Masaai cultuur verboden om wilde dieren, vis of vogels te eten. Ugali en groenten is al een aanvulling op hun traditionele dieet wat bestaat uit vlees(lam/rund/geit), melk, bloed van runderen, honing en boomschors. De Masaai komen vanuit Tanzania naar Zanzibar, eigenlijk een soort gastarbeiders, om geld te verdienen. Dit doen ze door allerlei diensten aan te bieden binnen het toerisme. Zo werken ze bijvoorbeeld als bewaker of drager op de resorts, verkopen ze eigen gemaakte en ingekochte sieraden en andere snuisterijen en geven ze graag een showtje weg waarin ze zingen en hoogspringen. Krachtmeting is belangrijk onder de heren, hoe hoger je springt, hoe meer kracht en uithoudingsvermogen en hoe meer aanzien je geniet.

Rafael en Ndari leiden ons langs het eerste stuk ‘wad’. Het is toch wel een beetje listig op slippers en blote voeten, maar zonder ons te bezeren komen we aan op de zachte witte zandvlakte vol werkende vrouwen en een enkele man.

Rafael wijst naar de werkende vrouwen: “This are the Seaweed mama’s.” Het is een bijzonder mooi kleurrijk tafereel, al die zeewierplukkende en knopende dames. Vroeger werd dit altijd door de mannen gedaan maar nu zijn het de vrouwen die het zeewier verbouwen. Dit betekent dat ze nu financieel onafhankelijk zijn. Lopend tussen de met stokken gespannen draden, ontmoeten we daar een hardwerkende zeewier mama. “You try” en Rafael wijst naar mij. Ja natuurlijk, wat een feest! Mama Seaweed geeft mij stukken zeewier en ik knoop dit, met reepjes plastic, aan het draad. Binnen twee maanden zal dit touw volledig volgroeid zijn en kan er geoogst worden. De vrouwen werken hard door om zoveel mogelijk te knopen en te oogsten voordat alles weer toegedekt wordt door de azuurblauwe zee.

We lopen verder en zingen lachend: “Ik heb een tuintje in de zee…..” Tussen de hete zonnestralen door vallen dikke druppels maar het maakt niet uit, we zijn in verwondering. De jongens nemen ons mee naar de rand van de nog steeds terugtrekkende zee. Hij zal zich vandaag niet geheel terugtrekken, het is namelijk net nieuwe maan geweest. Hierdoor zal hij niet al zijn schatten kunnen tonen. We lopen, praten, vragen en lachen er samen erop los, terwijl de jongens verderop lopen.

Rafael komt aangelopen met iets wat op een dikke steen lijkt: “This is a mama Seastar.” Wow dit is echt zo bijzonder want de meeste zeesterren kennen maar één paarseizoen per jaar. Heel voorzichtig laat hij ons haar voelen. Ze is zwaar, vol… de zee zal spoedig haar baarmoeder worden. Zodra zij in de buurt komt van een mannelijke zeester zal hij zijn zaad loslaten en zij haar twee en half miljoen eitjes. De bevruchting vindt plaats in het water en na drie tot vier dagen kruipt er een kleine vrij zwemmende larve uit. Seastar baby’s zien eruit als een doorzichtig garnaaltje, heel minuscuul.

De regen slaat inmiddels om onze oren en we moeten helaas echt terug gaan lopen. Onze apparatuur zal nog wel even droog blijven in de fototas maar niet voor heel lang. Na een prachtige wandeling over de witte vlaktes van de teruggetrokken zee nemen we afscheid van Rafael en Ndari. “We meet you at six o’clock in our place. We show you how we cook.”

Voor meer verhalen en beelden, volg ons via Polarsteps. Klik op de link en stuur ons een volgverzoek.

Klik op één van de afbeeldingen voor een vergroting.

Bergenaren in het buitenland: het vervolg…